En automatisering moest leiden tot minder handmatig werk. Bovendien ziet Eneco veel potentie voor de inzet van GIS, vertelt Van der Kuur. “Zeker in de context van de energietransitie. Met het nieuwe platform willen we daarom nieuwe waarde creëren voor onze waardeketens.”

Het team had de eisen voor het nieuwe platform helder voor ogen, zoals grip op het landschap en de kosten. Het moest voor een DevOps team van zes à zeven mensen beheersbaar blijven. Ook moest het platform zorgen voor minder operationele fouten en daarmee betere veiligheidsprestaties en lagere compliance-risico’s.

Subnetwerken en tracefunctionaliteit brengen waarde
Richting een digital twin
Succesfactoren: divers team, data op orde en itereren

Maarten van der Kuur is solution architect bij Eneco en is vanaf het begin betrokken bij project GeneGis. Hij schetst de situatie aan de start van het project: het GIS-landschap was verouderd en versnipperd, met diverse custom-platformen van verschillende softwareleveranciers. Licentiekosten waren hoog en de GIS-kennis en
–vaardigheden binnen de organisatie waren

Tekst: Marit Tegelaar, Tekstschrijvers.nl. Foto's: Eneco.

Sinds het begin van project GeneGIS heeft Eneco alweer nieuwe stappen gezet richting de digital twin. David Swinkels, Engineering Manager van het GIS-team bij Eneco deelt de laatste ontwikkelingen: “We kunnen nu echt de vruchten plukken van het ArcGIS Utility Network door alle GIS-functionaliteit te consolideren binnen ArcGIS in plaats van in de huidige maatwerkapplicaties. We hebben al warmteverliesberekeningen kunnen doen met data in ArcGIS, lekdetectiemetingen verbeterd en data in ArcGIS voor engineering eenvoudig in AutoCAD beschikbaar gemaakt. We zijn al bijna klaar met grondafsluiterstanden bijhouden in Fieldmaps en hebben eerste versie voor grondafsluiterinspecties met efficiënte looproutes en een gebruiksvriendelijke app. Ook hebben we al de eerste app staan voor planvorming van warmtenetten/warmtebronnen en zijn we aan het opstarten om nieuwe schetsontwerpen, kostencalculaties en netcapaciteittoetsen met ArcGIS en geïntegreerde apps te doen. Als de ontwerpen er zijn, dan willen we dat die goed aansluiten op NLCS voor warmte en dat we met de Breadcrumb-tablet ook sneller digitaal nieuwe assets kunnen inmeten. Zo kunnen we het bestaande IT-landschap consolideren naar een volledige digital twin.”

Eerste stappen gezet richting de digital twin

Op 30 januari 2026 kondigde het minderheidskabinet in het nieuwe coalitieakkoord aan bereid te zijn om door staatsdeelneming private warmtebedrijven over te nemen om zo de uitrol van warmtenetten te versnellen. Op plekken met een geconcentreerde warmtevraag en veel betaalbare restwarmte zijn warmtenetten een betaalbare optie om van het gas af te gaan. Op andere plekken zijn warmtepompen betaalbaarder. Met de juiste GIS-software bereken je snel wat geschikte locaties zijn. Bij Eneco zijn de GIS-apps met Gaiabuilder overzetbaar van ArcGIS Enterprise naar andere ArcGIS Enterprise en Online omgevingen. Zo bereidt Eneco zich voor om de GIS- en IT-applicaties voor warmtenetten gereed te hebben voor verkoop aan een publieke partij.

Versnellen van de uitrol van warmtenetten door staatsdeelneming
80 stationtypes en 8.500 binnenwerelden gemodelleerd

De overstap omvatte integraties met SAP en documentmanagementsystemen en het inrichten van het Utility Network-datamodel. “Dat was een flinke uitdaging", aldus Van der Kuur. Hij beschrijft de complexiteit van het warmtenet, met leidingen, gebouwen en ruim 100 verschillende objecten die allemaal moesten worden vertaald naar het datamodel. “De voorstellen hiervoor valideerden we direct met eindgebruikers.” Een analyse onthulde datafouten, zoals leidingen die niet op elkaar aansloten, maar ook ontbrekende data, zoals stations waarvan het type en de functie onbekend waren. “Om de overstap van een visueel naar een functioneel GIS-platform te maken, moesten we dit eerst oplossen", aldus Van der Kuur. “Anders zien we wel assets op een kaart, maar kunnen we er verder weinig functioneels mee om werkprocessen echt te automatiseren met GIS.”

gefragmenteerd. De software miste validatiemechanismen, wat voor problemen met de datakwaliteit zorgde. Daarnaast waren de doorontwikkelmogelijkheden beperkt. “Het was simpelweg niet meer in lijn te brengen met de uitdagingen die de energietransitie met zich meebrengt", aldus Van der Kuur.

Van visueel naar functioneel: migratie naar
ArcGIS Utility Network

De keuze viel op ArcGIS Utility Network. ArcGIS Enterprise vormt het platform waarop Utility Network draait: een gespecialiseerd framework van Esri voor het beheer van nutsnetwerken zoals gas, elektra en warmte. Het onderliggende datamodel is gebaseerd op de oplossing District Heating and Cooling, onderdeel van ArcGIS Solutions. Waar traditioneel GIS vooral visueel is, maakt Utility Network netwerken functioneel: het begrijpt hoe assets met elkaar verbonden zijn en hoe middelen zoals warmte door het netwerk stromen.

Eisen voor het nieuwe platform
ArcGIS Utility Network als fundament voor Eneco's nieuwe
GIS-platform

Vooral in Rotterdam, Den Haag en Utrecht zijn al veel huishoudens aangesloten op een warmtenet van Eneco. Met restwarmte en grootschalige warmtepompen die zorgen voor een forse CO2-reductie ten opzichte van cv-ketels. Voor energiebedrijven zoals Eneco is GIS onmisbaar om deze groeiende netwerken te beheren. Toen het versnipperde GIS-landschap de groeiambities en de beheerlast niet langer kon ondersteunen, startte Eneco project GeneGis: de migratie naar één toekomstbestendig platform, gebouwd op ArcGIS Utility Network.

Nooit meer een editie van

het Esri Magazine missen?

Meer weten?

Meer weten over de rol van GIS in de energietransitie? Neem contact op.

Eisen voor het nieuwe platform
Subnetwerken en tracefunctionaliteit brengen waarde

Nooit meer een editie van

het Esri Magazine missen?

Op 30 januari 2026 kondigde het minderheidskabinet in het nieuwe coalitieakkoord aan bereid te zijn om door staatsdeelneming private warmtebedrijven over te nemen om zo de uitrol van warmtenetten te versnellen. Op plekken met een geconcentreerde warmtevraag en veel betaalbare restwarmte zijn warmtenetten een betaalbare optie om van het gas af te gaan. Op andere plekken zijn warmtepompen betaalbaarder. Met de juiste GIS-software bereken je snel wat geschikte locaties zijn. Bij Eneco zijn de GIS-apps met Gaiabuilder overzetbaar van ArcGIS Enterprise naar andere ArcGIS Enterprise en Online omgevingen. Zo bereidt Eneco zich voor om de GIS- en IT-applicaties voor warmtenetten gereed te hebben voor verkoop aan een publieke partij.

Versnellen van de uitrol van warmtenetten door staatsdeelneming

Meer weten?

Meer weten over de rol van GIS bij de energietransitie? Neem contact op.

Sinds het begin van project GeneGIS heeft Eneco alweer nieuwe stappen gezet richting de digital twin. David Swinkels, Engineering Manager van het GIS-team bij Eneco deelt de laatste ontwikkelingen: “We kunnen nu echt de vruchten plukken van het ArcGIS Utility Network door alle GIS-functionaliteit te consolideren binnen ArcGIS in plaats van in de huidige maatwerkapplicaties. We hebben al warmteverliesberekeningen kunnen doen met data in ArcGIS, lekdetectiemetingen verbeterd en data in ArcGIS voor engineering eenvoudig in AutoCAD beschikbaar gemaakt. We zijn al bijna klaar met grondafsluiterstanden bijhouden in Fieldmaps en hebben eerste versie voor grondafsluiterinspecties met efficiënte looproutes en een gebruiksvriendelijke app. Ook hebben we al de eerste app staan voor planvorming van warmtenetten/warmtebronnen en zijn we aan het opstarten om nieuwe schetsontwerpen, kostencalculaties en netcapaciteittoetsen met ArcGIS en geïntegreerde apps te doen. Als de ontwerpen er zijn, dan willen we dat die goed aansluiten op NLCS voor warmte en dat we met de Breadcrumb-tablet ook sneller digitaal nieuwe assets kunnen inmeten. Zo kunnen we het bestaande IT-landschap consolideren naar een volledige digital twin.”

Eerste stappen gezet richting de digital twin
Succesfactoren: divers team, data op orde en itereren
Richting een digital twin
80 stationtypes en 8.500 binnenwerelden gemodelleerd

De overstap omvatte integraties met SAP en documentmanagementsystemen en het inrichten van het Utility Network-datamodel. “Dat was een flinke uitdaging", aldus Van der Kuur. Hij beschrijft de complexiteit van het warmtenet, met leidingen, gebouwen en ruim 100 verschillende objecten die allemaal moesten worden vertaald naar het datamodel. “De voorstellen hiervoor valideerden we direct met eindgebruikers.” Een analyse onthulde datafouten, zoals leidingen die niet op elkaar aansloten, maar ook ontbrekende data, zoals stations waarvan het type en de functie onbekend waren. “Om de overstap van een visueel naar een functioneel GIS-platform te maken, moesten we dit eerst oplossen", aldus Van der Kuur. “Anders zien we wel assets op een kaart, maar kunnen we er verder weinig functioneels mee om werkprocessen echt te automatiseren met GIS.”

De keuze viel op ArcGIS Utility Network. ArcGIS Enterprise vormt het platform waarop Utility Network draait: een gespecialiseerd framework van Esri voor het beheer van nutsnetwerken zoals gas, elektra en warmte. Het onderliggende datamodel is gebaseerd op de oplossing District Heating and Cooling, onderdeel van ArcGIS Solutions. Waar traditioneel GIS vooral visueel is, maakt Utility Network netwerken functioneel: het begrijpt hoe assets met elkaar verbonden zijn en hoe middelen zoals warmte door het netwerk stromen.

Van visueel naar functioneel: migratie naar
ArcGIS Utility Network

Het team had de eisen voor het nieuwe platform helder voor ogen, zoals grip op het landschap en de kosten. Het moest voor een DevOps team van zes à zeven mensen beheersbaar blijven. Ook moest het platform zorgen voor minder operationele fouten en daarmee betere veiligheidsprestaties en lagere compliance-risico’s. En automatisering moest leiden tot minder handmatig werk. Bovendien ziet Eneco veel potentie voor de inzet van GIS, vertelt Van der Kuur. “Zeker in de context van de energietransitie. Met het nieuwe platform willen we daarom nieuwe waarde creëren voor onze waardeketens.”

gefragmenteerd. De software miste validatiemechanismen, wat voor problemen met de datakwaliteit zorgde. Daarnaast waren de doorontwikkelmogelijkheden beperkt. “Het was simpelweg niet meer in lijn te brengen met de uitdagingen die de energietransitie met zich meebrengt", aldus Van der Kuur.

Maarten van der Kuur is solution architect bij Eneco en is vanaf het begin betrokken bij project GeneGis. Hij schetst de situatie aan de start van het project: het GIS-landschap was verouderd en versnipperd, met diverse custom-platformen van verschillende softwareleveranciers. Licentiekosten waren hoog en de GIS-kennis en
–vaardigheden binnen de organisatie waren

Tekst: Marit Tegelaar, Tekstschrijvers.nl. Foto's: Eneco.

Vooral in Rotterdam, Den Haag en Utrecht zijn al veel huishoudens aangesloten op een warmtenet van Eneco. Met restwarmte en grootschalige warmtepompen die zorgen voor een forse CO2-reductie ten opzichte van cv-ketels. Voor energiebedrijven zoals Eneco is GIS onmisbaar om deze groeiende netwerken te beheren. Toen het versnipperde GIS-landschap de groeiambities en de beheerlast niet langer kon ondersteunen, startte Eneco project GeneGis: de migratie naar één toekomstbestendig platform, gebouwd op ArcGIS Utility Network.

ArcGIS Utility Network als fundament voor Eneco's nieuwe
GIS-platform